Aya Musa
Azadaar
Juist omdat de rituelen, vaandels en andere herdenkingsvormen tot de meest herkenbare uitingen van sjiitische religieuze cultuur behoren, zijn de mensen en gemeenschappen die eraan deelnemen vaak doelwit geworden van geweld. Het project benadrukt de kracht van deze vormen van herdenking en het vermogen om een gemeenschap bij elkaar te houden.
Het project brengt vier lijnen samen. Aasmaandaar (Hemeldrager) toont de laatste sterrennachten van veertien heiligen binnen de sjiitische traditie. Het zijn de nachten waarop zij voor het laatst naar de hemel keken vóór zij stierven, vaak door moord. De sterrenhemel wordt hier een plaats van stilte, verwachting en overgave.
Azadaar (rouwende) richt zich op het rouwende lichaam. Handen slaan tegen de borst, lichamen bewegen in hetzelfde ritme, gezichten verdwijnen in halfduister. Via het lichaam opent zich voor de gelovigen een weg naar het sublieme: naar iets dat groter is dan het individuele verdriet.
Allamdaar (vaandeldrager) verschuift de aandacht naar de materiële cultuur van herdenking: vaandels, stoffen, kralen, kalligrafie en rituele objecten die worden gedragen, aangeraakt en bewaard. Dat wat herinnering draagt, wordt zo ook zichtbaar als teken van verbondenheid en verzet tegen vergetelheid.
Wafadaar (de trouwe) brengt de religieuze geschiedenis naar het heden. De begraafplaatsen in Pakistan tonen mensen die zijn omgekomen door sektarisch geweld, mensen uit de gemeenschap van Musa. Zij laten zien dat de oude geschiedenis van vervolging nog steeds doorwerkt.
Omdat de rituelen grotendeels in Europa zijn gefotografeerd en de graven in Pakistan, verbindt Azadaar de mensen in diaspora met de plek van herkomst. Zo brengt Musa vier lijnen samen – kosmos, lichaam, object en graf – in een installatie over rouw, zorg en voortbestaan.
Locatie: Carré Chassé